Dominique, een getalenteerd verdediger, speelt bij Cercle Brugge en de nationale ploeg.
Sinds 1911 is Dominique vrijwilliger in het leger. Als adjudant bij het 2de Regiment Grenadiers maakt hij deel uit van de Front Wanderers, het militaire voetbalteam aan het IJzerfront.
Tijdens een inspectie aan 't Wieltje, een gehucht tussen Sint-Jan en Sint-Juliaan, treft een kogel hem in de nacht van 25 augustus 1918 in de buik.
Hij belandt in het militair hospitaal in Beveren-aan-de-IJzer. Helaas kan de medische staf niets meer voor hem doen. Hij overlijdt op 26 augustus 1918 om 18 uur, amper 25 jaar oud.
Enkele dagen later, op 29 augustus, wordt hij begraven in de buurt van het hospitaal.
In januari 1922 wordt hij in het bijzijn van heel wat volk herbegraven op de oude gemeentelijke begraafplaats te St-Andries - Brugge. De voorzitter van de Nationale Strijdersbond houdt er een bevlogen lijkrede.
Cercle Brugge verliest tijdens de Groote Oorlog meerdere spelers. Hun namen, waaronder die van Dominique, prijken op het monument dat de Club in 1921 voor hen opricht.