Henri sneuvelt op 28 september 1918 in Wieltje nabij Ieper. Zijn lichaam wordt in 1922 overgebracht naar het kleine Lanaye, op de grens van Vlaanderen en Wallonië. Daar rust hij vandaag nog steeds.
Henri is een van de meer dan 15.000 gesneuvelde militairen die een privégraf krijgen in hun dorp of stad. Ongeveer 9.000 onder hen vinden de dood tijdens de Eerste Wereldoorlog.
Aanvankelijk is het niet toegestaan om gesneuvelden naar hun woonplaats terug te brengen. Sommige families graven hun dierbaren clandestien op om hen toch thuis te kunnen begraven. Onder die druk geeft de overheid uiteindelijk toestemming.
Ondertussen zijn duizenden van deze graven verdwenen. De concessies van graven in privé-bezit verlopen. In de jaren 1960 en 1970 verdwijnen complete begraafplaatsen voor parkeerplaatsen of nieuwe infrastructuur. Vandaag blijven er nog ongeveer 9.000 over.
Lange tijd genoten deze graven geen specifieke wettelijke bescherming. Inmiddels kunnen ze worden opgenomen in een erfgoedlijst. Bij goedkeuring neemt de gemeente het onderhoud over en kan het graf niet meer zomaar verdwijnen.
Zo krijgen deze stille getuigen van ons oorlogsverleden eindelijk een kans om behouden te blijven.